Technologie

De theorie van de werking:

De belangrijkste component van de gyroscoop is een rotor die een traagheidsmoment J en een hoeksnelheid ω heeft. Het traagheidsmoment van de rotor wordt bepaald door de verdeling van zijn eigen gewicht ten opzichte van de rotatieas. Door het verhogen van de massa of de diameter van de rotor zal het traagheidsmoment toenemen. Het impulsmoment L van de rotor wordt bepaald door het product van het traagheidsmoment en van de hoeksnelheid en initieert dat de rotatieas zoveel mogelijk evenwijdig aan zichzelf zal blijven en veroorzaakt zo weerstand aan elke poging om de oriëntatie te veranderen.
Des te groter is het impulsmoment en des te groter het vermogen van de rotor om op een externe koppel te reageren, hoe groter het vermogen van de stabilisator om de rol te compenseren.
Een gyroscoop heeft drie assen:

  • een “rotatie-as”, een “input-as” en een “uitvoer-as”.
  • De rotatie-as is de as waaromheen de rotor roteert.
  • De input-as is de as waarop inputs worden aangebracht, die samenvalt met de as waaromheen de boot rolt (lengteas).
  • De uitvoeras, de dwarsas, is degene waaromheen de gyroscoop roteert of reageert in reactie op de input.

Funz-1
Het rollen van de boot is de input voor de gyroscoop. De input zorgt ervoor dat gyroscoop een rotatie genereert rond de output-as, op een zodanige wijze dat de rotatieas heroriënteert in lijn met de input-as. Deze rotatie om de dwarsas wordt precessie genoemd.
Microsoft Word - Teoria del funzionamento MC2.docx
Twee hydraulische cilinders zijn gekoppeld met de output-as van de gyroscoop met het doel het afremmen en daarna de hoek van precessie te creëren. De maximale kracht uitgeoefend om het rollen van de boot tegen te gaan, dus de input voor de gyroscoop, wordt gevormd door de volgende vergelijking:
Funz-3

img-tecno-1
img-tecno-2
img-tecno-3
img-tecno-4
img-tecno-5
img-tecno-6